Stap 1: Kennis verhogen en netwerken uitbreiden

OLYMPUS DIGITAL CAMERAWe deden aan literatuuronderzoek en speurden het internet af naar (voor)leesgedrag, barrières en drempels van kinderen en hun ouders, naar participatieve methodes en het belang van meertaligheid. Diverse leesbevorderingsprojecten inspireerden ons. We voerden tal van gesprekken met medewerkers van organisaties, bevoorrechte getuigen, uitgeverijen en ervaren boekenmakers. We namen deel aan studiedagen en vormingen.

Studenten Kunst- en Cultuurbemiddeling van Karel de Grote Hogeschool kozen SESAM als leerproject. Ze onderzochten ‘aan welke voorwaarden beeld en vorm, inhoud en taal van een boek moet voldoen opdat kinderen van 5 tot 8 jaar van niet-Vlaamse origine en hun kwetsbare ouders sneller de stap kunnen zetten om (voor) te lezen?’ Ze onderzochten niet alleen het Vlaams boekenlandschap maar ze trokken ook naar Londen en bezochten o.a. Lewis Carroll Children’s Library en interviewden Laura Atkins, auteur en actief rond multiculturele kinderboeken. Ze verzamelden inspirerende voorbeelden van leesbevordering en armoedebestrijding door middel van cultuurparticipatie.

Het eindrapport is vrij te downloaden.

Stap 2 : Participatief veldonderzoek

Eind maart 2013 werd het vooronderzoek bij voorlezers, ouders en kinderen afgerond. Met dit onderzoek stelden we ons drie onderzoeksvragen: 1. Wat vinden ‘kansarme’ (groot)ouders en kinderen van het huidige kinderboekenaanbod: wat vinden ze goed? wat vinden ze minder goed? 2. Wat zijn mogelijke moeilijkheden en drempels om kinderboeken (voor) te lezen? 3. Welke suggesties komen er van (groot)ouders en kinderen zelf om een kinderboek meer aantrekkelijk te maken?

We ontwikkelden vragenlijsten voor diepte-interviews bij ouders en voorlezers. We stelden een groep samen van enquêteurs en prof. dr. Joyce Koeman gaf hen een interviewtraining. Via diepte-interviews bevroegen we 18 voorlezers, zowel vrijwilligers (bijvoorbeeld via de Boekenkaravaan) als professionelen (pedagogen, kleuterleiders…) naar hun ervaringen met het voorlezen bij ‘maatschappelijk kwetsbare’ gezinnen. We spraken verschillende organisaties aan die kwetsbare ouders bereiken zoals Moeders voor moeders, IVKA, Basisschool De Evenaar, Basisschool De Hoedjes van Papier, Inloopteams, Basisschool De Wereldreiziger, De Schoolbrug, Kind en Gezin… In totaal hebben we 52 eerder kwetsbare ouders bevraagd en 37 uur naar hen geluisterd.

IMG_2451Samen met Doedeskadèn vzw, gespecialiseerd in creatieve participatiemethoden, werkten we creatieve en non-verbale onderzoeksmethoden uit om kinderen op een speelse manier ‘te bevragen’ over kinderboeken, zoals de methodiek van de collage en de verhalenmaker, het kringgesprek en de toren der wijsheid. In de lagere school werd de collage vervangen door de ‘placemat’ methodiek waarbij kinderen zelf de ingrediënten van een verhaal bepaalden en daarna in kleine groepjes een verhaal met illustraties maakten. Uiteindelijk hebben we 99 kinderen in vijf klassen en drie scholen aan het woord gelaten over kinderboeken.

IMG_5061De resultaten van deze diepte-interviews en klasgesprekken werden voorgesteld tijdens de studie- en debatnamiddag ‘Is Sneeuwwitje op Ali Baba?’ van vrijdag 14 juni 2013. Vanuit de resultan van dit onderzoek, hebben we gepleit voor:

  1. Er is niet alleen nood aan meer kennis van hoe kwetsbare gezinnen met het boek omgaan, maar ook nood aan meer inzicht in welke innovatieve methodieken het leesgedrag kunnen stimuleren.
  2. Moeders zijn de spilfuren rond voorlezen. Dikwijls zijn ze de taal niet machtig en voelen zich onzeker. Daarom lijkt het aangewezen om moeders meer en in dialoog te betrekken bij boeken- en voorleesprojecten van de school om ze met meer zelfvertrouwen en plezier in lezen te stimuleren.
  3. Voorlezers zijn bruggenbouwers.. Het inschakelen van voorlezers in kwetsbare gezinnen, die stevig omkaderd worden, kan een aanzienlijke bijdrage leveren in de leesbevordering.
  4. Het stimuleren van meertaligheid en meertalige kinderboeken. Kinderen die tweetalig zijn opgevoed, zouden meer gemotiveerd zijn om te lezen en positiever ten aanzien van boeken staan.
  5. Meer herkenbare boeken voor kinderen die een correcte weerspiegeling van onze samenleving weergeven. Als de eigen leefwereld op een positieve manier in een kinderboekje voorkomt, sterkt dit het zelfbeeld en het gevoel van eigen waarde van elk kind.

Momenteel worden de resultaten nog verder verwerkt door prof. dr. Joyce Koeman en onderzoekster Karolien De Laere van de K.U.Leuven-Kulak.

Een eerste schriftelijke weerslag lees je in het artikel ‘Duizend-en-één vragen over kinderboeken gesteld aan voorlezers, ouders en kinderen’ van Ingrid Tiggelovend, juni 2013 en het verslag van de studiedag.

Zie ook: